La Palma 2015

La isla bonita

Zodra het bij ons begint te “kriebelen” gaan we vaak al snel op zoek naar een mogelijkheid om er een paar dagen tussenuit te gaan. Waarheen is dan meestal de grote vraag. Waarheen niet, wordt door de huidige situatie in de wereld wel steeds gemakkelijker. Los van de vereiste politieke stabiliteit in het land van onze keuze voelen we ook steeds minder voor een bezoek aan een islamitisch gebied.

Misschien volkomen onterecht maar we gaan toch maar gewoon op ons gevoel af. Als je dan begin maart weg wilt, valt een wat aangenamere temperatuur ook niet te versmaden. De Canarische eilanden is dan al vaak een betaalbare en snel bereikbare bestemming maar het toeristische Gran Canaria hebben we wel gezien en ook Tenerife of Lanzarote kennen we wel.

Hmm, is La Palma dan misschien een optie? We maken graag natuurwandelingen en dat schijnt daar echt tot de mogelijkheden te behoren. Bovendien nog niet al te toeristisch. We zoeken daarom een leuke aanbieding naar dit (st)eiland en boeken uiteindelijk een bungalow met auto bij Sunweb.

Op naar het steilste eiland ter wereld......

 

’s Morgens om 01:00 uur worden we na een paar uurtjes slaap wakker gebruld door de wekker. Dat het moeilijk zou worden wisten we. Daarom had Gea voor de zekerheid ook maar de wekker op haar smartphone ingesteld. Alleen was het dit keer wel dusdanig vroeg dat het ding maar niet uit wilde.... of zou dat dit keer toch niet aan de telefoon hebben gelegen?

Hoe dan ook, precies op de geplande tijd van 02:00 vertrekken we richting parkeerplaats bij Schiphol. Ook dit keer weer een aanbieding van een van de vele bedrijven die deze parkeerservice aanbieden in de buurt van onze Nationale luchthaven. Onze Transavia vlucht vertrekt op de geplande tijd van 06:05 en zo’n vier en een half uur later staan we op het vliegveld van La Palma.

Het wachten totdat het Herz is gelukt om ons een auto toe te wijzen duurt naar verhouding langer dan de hele vlucht. Na zo’n 90 minuten in de rij te hebben gestaan zijn we eindelijk aan de beurt.

Ondertussen heeft een niet al te vriendelijke Sunweb medewerkster, nee zeker niet Harry van de Sunweb, zich ook gemeld met de klacht dat ze op ons staat te wachten. Ja, leuk hoor, wij ook op haar en wij kunnen het ook niet helpen dat ze aan de verkeerde kant van de uitgang wacht. Het staat verdorie in hun eigen beschrijving en als we daar eerst de uitgangspoort doorgaan krijgen we geen auto meer.

Tip voor andere reizigers: Stap eerst in de rij voor een auto en daarna pas in die voor de koffers; die maken wel een paar extra rondjes op de band. Het kan je al gauw een uurtje schelen.

De reis van het vliegveld naar onze LaVilla bungalow met nummer 18 loopt voorspoedig. Mooie ruime woning, restaurants en Spar om de hoek, uitzicht op zee; we gaan ons hier vast wel amuseren.

Jammer dat het vandaag wat bewolkt is. Op een heldere dag zitten we eerste klas voor een mooie zonsondergang boven de oceaan.

Hoewel we de afgelopen nacht nagenoeg hebben overgeslagen lukt het ons ook deze avond weer niet om vroeg naar bed te gaan. Het is al weer bijna 12:00 uur wanneer we elkaar welterusten wensen. Gelukkig is het op La Palma 1 uur vroeger dan in Nederland. Wat dat betreft valt onze bedtijd voor onze begrippen dus toch nog enigszins mee. 01:00 uur, ach vaak halen we dat niet.

Vanmorgen hebben we echt geen haast. Tegen de tijd dat we twee van de vier door de bakker aan onze deur gehangen broodjes naar binnen hebben gewerkt is het toch al weer bijna 09:30. Rond 10:00 uur stappen we in onze auto richting Santa Cruz om even voorbij El Paso een bezoek te brengen aan het Centro de Visitantes van het Taburiente Parque National.

Na een korte introductie bij de baliemedewerkster, waarbij we startend in het Spaans, al snel overschakelend naar het Engels, om vervolgens op verzoek verder te gaan in het Duits, vragen om een goede wandelkaart.

We worden op onze wenken bediend en krijgen alle informatie over de wandelroutes in dit Nationaal Park. Een kaart van het hele eiland? Nee die heeft ze niet; om vervolgens met een knipoog een kaart van het hele eiland onder de balie door in mijn handen te stoppen.

Wat vriendelijkheid en een grapje op zijn tijd worden internationaal gewaardeerd, ook op dit mooie eiland.

Omdat we hier nog niet gewend zijn volgen we eerst een “korte” route naar Ermita de la Virgen del Pino. We beseffen al snel dat we er goed aan hebben gedaan om hoge wandelschoenen mee te nemen. Met alle stenen en rotsen waar we tussendoor balanceren zou een verstuikte enkel de vakantie anders ongetwijfeld in het honderd hebben doen lopen.

Onderweg komen we de mooie koeien tegen die hier op het eiland worden gehouden.

Na ons er een tijdje over te hebben verbaasd waarom deze dieren er hier zoveel mooier uitzien dan die bij ons in Nederland, zien we ineens de reden hiervan: “ Het ene Europa”.

Waar de koeien bij ons van die grote ontsierende gele lappen plastic in hun oren hebben, zijn de dieren hier voorzien van oorhangers die nog niet half zo groot zijn als die bij de koeien in Nederland. Nou Partij voor de Dieren, werk aan de winkel; het kan (en mag) dus wel anders.

Na onze wandeling rijden we nog even door naar de Lidl bij Santa Cruz om voor een aantal dagen proviand in te slaan. De beperking wordt gevormd door de grootte van onze koelkast maar een paar dagen moeten we nu wel weer vooruit kunnen.

Na terugkomst bij ons huisje is het snel uitkleden om in badkleding nog even van de zon te genieten. Een pilsje laat zich goed smaken en het zou natuurlijk ook niet beleefd zijn om geen gebruik te maken van de bij ons huisje geplaatste ligstoelen.

Wat hebben we toch een rotleven.......

Na het ontbijt rijden we naar de Virgen del Pino waar we gisteren vanaf het Visitor Center heen zijn gelopen. Nee, natuurlijk niet vroeg, dat woord komt in onze La Palma vocabulaire nog niet voor.

We besluiten de tocht te maken vanaf de Virgen del Pino naar La Cumbrecita. Volgens de kaart gemakkelijk te doen, een trail met een lengte van 6 Km en een hoogteverschil van ruim 350 meter.

De eerste 200 meter gaat het echter al 100 meter omhoog. We hijgen als een paar stoomlocomotieven zodra we de eerste paar honderd meter met volle bepakking achter de rug hebben.

Wow, dit is heavy, het lijkt wel of we geen 18 meer zijn.

De trail leidt ons door de mooie natuur van het eiland maar de beklimmingen en de afdalingen volgen elkaar in rap tempo op. De eerste liter water is al snel burgermeester gemaakt en we zijn blij met de extra waterzakken die we van Suzanne en Robert hebben kunnen lenen.

Het pad staat na de eerste paar honderd meter goed aangegeven. Maar goed ook want ons navigatieprogramma Oruxmaps houdt er op onze oude Android telefoon regelmatig mee op. Dat onze 5 jaar oude telefoons een enorm gebrek aan geheugen hebben en aan vervanging toe zijn wordt steeds duidelijker.

Zodra we na meer dan anderhalf uur klauteren een bord zien dat we al 2 Km zijn opgeschoten zakt de moed ons in de schoenen. Twee Km en nog vier te gaan?

Dat kan toch niet waar zijn. Zijn de kilometers op dit eiland langer dan in Nederland of wordt de afstand misschien hemelsbreed aangegeven?

Bij de Barranco de Lalaja Azul lopen we nog een paar honderd meter door maar houden het dan toch maar voor gezien. We moeten ook nog terug en dat vergt nog de nodige inspanning.

Een Duits stel dat we op de heenreis voorbij zijn gelopen komen we op de terugreis ook weer tegen. “Dass es so schwer sein solte hat man uns nicht erzahlt”.

Na ruim 4 uur komen we weer bij onze auto aan. Snel naar huis op weg naar een lekker koud pilsje. We vinden zelf dat we dat wel hebben verdiend.

Voor vandaag hebben we besloten een trip langs de westkust te maken naar Tazacorte. Na het geklauter van gisteren is Gea nog niet erg in de stemming voor een nieuwe zware tocht. Eerst even de spierpijn wat laten wegtrekken.

De wegen op het eiland zijn erg goed maar veel rechte stukken zitten er niet tussen. Het is al weer een hele tijd geleden dat we zo lang in de tweede versnelling hebben gereden. De Hyundai I10 doet zijn werk echter voortreffelijk en laat zich probleemloos door de haarspeldbochten manoeuvreren. Jammer dat er zo weinig mogelijkheden zijn om de auto even aan de kant te zetten om van het uitzicht te kunnen genieten. Op de hele route komen we hiervoor twee mogelijkheden tegen maar in dit geval voor ons wel aan de verkeerde kant van de weg. En om nu tussen al die bochten even een U-turn te maken...... Ach het kan natuurlijk wel maar wij stoppen dan liever even op de terugreis.

Voor Puntagorda zetten we de auto aan de kant. We willen natuurlijk wel iets zien en dat gaat te voet een stuk beter dan vanuit de auto. Puntagorda is een mooi dorpje in een hele mooie omgeving. De meeste bedrijvigheid is er te vinden zo rondom de haven. Ook is hier een mooi strand; niet zo’n wit strand zoals we die uit het Caribisch gebied kennen maar een zwart strand. Het is heel bijzonder om te zien al vinden we het zelf minder uitnodigend dan zo’n mooie witte vlakte.

We zien wel de eerste homo-sapiens met een perfecte schutkleur. Een aantal van de zonaanbidders valt op dit zwarte zand in het geheel niet meer op.

Na een wandeling van zo’n 7 Km kopen we ons iets lekkers bij een stalletje aan de kant van de weg dat we op een bankje met zicht over het water oppeuzelen. Overal zie je grote bananenplantages; een belangrijk product uit deze regio. De wat kleinere bananen dan die we in Nederland kennen zijn anders van smaak maar wel erg lekker.

Vandaag hebben we een slow start. Op het moment dat we eindelijk ons ontbijt achter de rug hebben en in onze auto stappen is het bijna 12:00 uur. We gaan richting Los Llanos, de “geheime” hoofdstad van La Palma.Het blijkt een leuk “dorp” te zijn met middenin het mooie Placa d’Espana.

Als na 14:00 uur de meeste winkels vanwege de siësta worden gesloten begeven we ons naar het Musea Arquelogico Benahoarita waar we nog heel wat opsteken over de historie van La Palma en haar vroege bewoners. Ook brengen we nog een bezoek aan de Iglesia de Nuestra Señora de Los Remedios.

Op een terrasje naast de Plaza de Espana bestellen we een bocadilla met kip en een vruchtensap voor het enorme bedrag van € 2,50 per persoon. Met dergelijke uitgaven zien we een Coupe Helado Especial ook nog wel zitten. Nadat we hieraan beginnen ontlokt dit Gea de opmerking: “Het lekkerste ijs dat ik ooit heb gehad”. Goed gedaan jongens, ik denk dat we de komende dagen nog wel eens een bezoekje aan Los Llano’s moeten gaan brengen.

Tegen een uur of vijf gaan we terug richting onze tijdelijke huisvesting om vervolgens te voet nog even een bezoek te brengen aan de plaatselijke Spar. Geen probleem zou je denken, het is hooguit een paar honderd meter. Klopt; maar dan wel een paar honderd meter met een hoogteverschil van 123 meter (en de boodschappen moeten omhoog....).

De gelopen afstanden kunnen we inmiddels wat beter in kaart brengen. Henk heeft van een van de telefoons inmiddels alle applicaties verwijderd die niet strikt noodzakelijk zijn. Verder moet het reinigen van de accu contacten er voor zorgen dat de Oziexplorer applicatie ook niet meer onverwacht zou mogen stoppen. Tot nu toe gaat dat goed; de toekomst zal het verder moeten leren.

Na thuiskomst gaan we nog even bij de receptie van La Villa langs. Even wat informatie vragen over de beste startposities voor wat mooie wandelingen. De komende dagen moeten we maar proberen om hier iets mee te doen.

Na de westerstorm van gisteravond is het vandaag natuurlijk afwachten of dit niet voor een weeromslag heeft gezorgd. Het lijkt in ieder geval meer bewolkt te zijn dan gisteren. Wel hebben we onze kleren allemaal uit de planten kunnen vissen nadat deze, zelfs in de luwte van onze woning, allemaal waren weggewaaid.

Tegen de tijd dat we het na het ontbijt eindelijk eens zijn geworden welke tocht we vandaag gaan maken is het al weer 11:30. Met de auto rijden we richting El Pilar waar het onderweg op een hoogte van bijna 1900 meter een flinke bedrijvigheid is.

Zo’n 200 wielrijders storten zich met hun mountainbikes via allerlei smalle paadjes van de berg af. Mooi om te zien maar niet echt iets dat we graag zouden doen. De te nemen hellingen zijn ons net iets te gek.

We wandelen een stuk van het brede pad waar de fietsers ook overheen komen nog even af. Het is echter erg koud en winderig boven op de top waarbij de kou nog eens wordt versterkt door de laaghangende bewolking die over de bergrug hangt. Een echte wandeling heeft nu niet zo veel zin. Het zicht is gewoon te beperkt.

De route naar El Pilar is enorm mooi. Een goed onderhouden kronkelweg die je door de bijzondere natuur van dit gedeelte van het eiland voert. Omdat we toch niet van plan zijn hier vandaag nog een flinke wandeling te maken rijden we ook El Refugio de Pilar voorbij. We komen nog wel eens kijken hoe de eilandbewoners hier met de BBQ omgaan zodra het beter weer is of als we onze jassen bij ons hebben.

We vervolgen de weg richting Brena Alta om van daaruit via Santa Cruz weer richting Los Llano’s te gaan. Onderweg brengen we een bezoek aan El Paso waar we ons laten verwennen met een grote schotel tapa’s. Heerlijk, maar het plan om vanavond bij restaurant Carmen te gaan eten valt daarmee in duigen. Nu was dit toch al een bijgesteld voornemen want op zondag, de eigenlijke planning, is Carmen gesloten.

Onderweg besluiten we om voor alle zekerheid ook maar even te tanken. In een aantal folders hebben we immers gelezen dat veel tankstations op zondag gesloten zijn. Dat tanken blijkt een vreemde ervaring. De twee telewerken op de pomp lopen nagenoeg even snel. Uiteindelijk blijkt het telwerk met de laagste stand het aantal Euro’ aan te geven. Huh, benzine voor minder dan een Euro per liter? De olieprijs zal sinds ons vertrek uit Nederland wel enorm gedaald zijn.

Een verschil van meer dan 60 cent per liter zal in het ene Europa anders toch niet mogelijk zijn..... of misschien toch....

De planning was om een deel van de route der angsten te gaan lopen. Zodra we na het opstaan de gordijnen open doen zien we echter een wolkenloze hemel hetgeen ons doet besluiten om eerst El Pilar een tweede kans te geven.

De bochtige route kennen we inmiddels en zo tegen 11.45 parkeren we de auto bij het uitzichtpunt een paar kilometer voor El Refugio del Pilar. Bij het ontwijken van de mountainbikers hebben we hier gisteren een pad gevonden dat naar de route van de vulkanen leidt. Het eerste gedeelte van het pad kent een flinke stijging maar we merken dat ons lichaam een beetje aan de hoogte is gewend. Het gaat een stuk gemakkelijker dan onze eerste hike naar La Cumbrecita.

Op het moment dat we de vulkaanroute bereiken hebben we er ook al weer een uurtje klimmen opzitten. Bovenop de toppen is het winderig koud; dusdanig dat Henk al snel zijn windjack uit de rugzak haalt in een poging om een flinke verkoudheid te voorkomen. We snappen ook ineens waarom er wordt gewaarschuwd deze route bij veel wind te vermijden; je wordt maar al te gemakkelijk door een windvlaag van de top geblazen.

We lopen door tot aan de voet van de Pico Nambroque waarna Gea het voor gezien houdt; we zijn nog maar op de helft, we moeten immers ook nog het hele stuk terug. Tijdens de afdaling waarbij we regelmatig alles in het werk moeten stellen om ons evenwicht op de onvaste ondergrond te bewaren, krijgen we steeds meer respect voor de mountainbikers van gisteren, wiens sporen hier nog steeds goed te zien zijn.

Zodra we onze auto weer bereiken besluiten we om helemaal af te zakken naar de zuidpunt van het eiland om zo via Fuencaliente de La Palma aan de westkust weer noordelijk te rijden richting Los Llanos de Aridane. Mooi om de verschillen in vegetatie te zien en vooral ook de dorheid van “malpais”, de slechte grond tussen Mazo en Fuencaliente.

Jammer genoeg zitten we weer aan de verkeerde kant van de weg. Wanneer leren we het nu eens om het water aan de rechterkant te houden. Dan zijn er in ieder geval heel af en toe mogelijkheden om de auto even aan de kant te zetten.

In ons huisje aangekomen lezen we onder het genot van een lekker koud pilsje onze oude GPS smartphone uit. Gelukkig, de eergisternacht uitgevoerde handelingen hebben het gewenste resultaat gehad. Vandaag hebben we 9,87 Km “gewandeld” waarbij we 788 meter hebben geklommen en in totaal 674 meter zijn afgedaald. De maximale hoogte die we hebben bereikt is 1912 meter. Niet gek voor een paar Nederlanders die normaalgesproken bijna onder de waterspiegel leven.

Vandaag nemen we ons voor om een bezoek te brengen aan de Roque de las Muchachos. Hiervoor vertrekken we vanaf ons tijdelijk onderkomen bij Los Llanos richting Tijarafe en vervolgens Puntagorda om van daaruit in oostelijke richting via de LP-4 de hoogte op te zoeken.

Ja, het klopt, we rijden het eiland wederom rechtsom rond, dus opnieuw geen zicht op de waterkant en toegang tot de schaarse parkeerplaatsen bij de mooiste uitzichtpunten. In dit geval doen we het echter bewust omdat we aan het eind van de middag bij Santa Cruz nog even proviand willen inslaan voor de rest van de week.

Als de bergweg in goede staat is zouden we via deze weg ook Santa Cruz moeten kunnen bereiken. De bergweg is goed te doen. Af en toe is het wel nodig om de van de bergen afgerolde stenen te ontwijken. Waarschijnlijk zijn deze los gekomen als gevolg van de storm van eergisteren. De weg zelf is echter zeer goed onderhouden en ook onze huurauto heeft geen problemen met de wel zeer bochtige weg met hellingen van 10 tot 15%.

De route is echt prachtig, een fantastisch uitzicht en een hele mooie en gevarieerde vegetatie. Zo af en toe stoppen we op plekken waar dit mogelijk is nog even om alles buiten de auto op ons in te laten werken.

Uiteindelijk bereiken we de Roque met hierop het Observatorio Astrofisico, de door meerdere Europese landen geëxploiteerde sterrenwacht. De grootste in 2009 gebouwde telescoop met 36 individueel bestuurde spiegels heeft een optische gevoeligheid van vier miljoen menselijke ogen bij elkaar. Volgens de beschrijvingen zou hiermee een soepbord op de maan in kaart zou moeten kunnen worden gebracht.

Vreemde specificatie....er zijn er op de maan toch geen soepborden.....?

Boven op de 2426 meter hoge top leiden smalle voetpaden naar de rand van de Caldera de Taburiente. Aan de rand worden we toch wel erg voorzichtig. De steile rotshellingen die zo ver de diepte in gaan vormen een mooi beeld maar dwingen toch ook wel het nodige respect af. Zeker als je door een verrekijker of de lens van een camera kijkt. Een stap te ver heeft grote consequenties.

Aan de overkant van de krater zien we La Cumbrecita, het punt dat we bij onze eerste wandeling zonder succes hebben proberen te bereiken. Vanaf deze kant hebben we echter een nog beter zicht op de krater omdat het zicht op deze hoogte niet door bomen wordt bemoeilijkt.

Na een uurtje op de top te hebben doorgebracht vervolgen we de LP-4 richting Santa Cruz. Tegen de tijd dat we deze hoofdstad bereiken hebben beide het idee dat we deze route nog een keer moeten rijden. Misschien niet deze vakantie maar er moet natuurlijk ook iets te wensen overblijven.

Na nog even op de boulevard van Santa Cruz te hebben gekeken rijden we weer verder richting Los Llanos om onderweg bij de Lidl nog even proviand in te slaan.

Voor vandaag staat een bezoek aan het Noord Oosten van het eiland op het programma. Na de inmiddels bekende weg van Los Llanos naar Santa Cruz rijden we door richting La Galga en parkeren onze tijdelijke bolide daar op de parkeerplaats bij het informatiecentrum.

Na een kort stukje asfaltweg duiken we het bos in via een steile en natte rotsachtige route. Helemaal het klim en klauterwerk waarbij Henk zijn hart op kan halen. Voor Gea hoeft dit niet zo maar ze weert zich kranig in de overtuiging dat route PR LP 5.1 ook voldoende van haar gading te bieden heeft.

We volgen het steile pad naar boven om daar op een wat gemakkelijker te volgen deel van de route richting de Mirador de la Somada Alta te gaan. Het is een mooie route door ongerepte natuur waarin we ons er over blijven verbazen dat planten die wij kennen als zomer- of winterbloeiers hier al bloeiend naast elkaar staan.

Op een gegeven moment vragen we ons af of we niet beter een kapmes mee heden kunnen nemen, zo dicht is de begroeiing waar we ons doorheen moeten worstelen. Van een gebaand pad is af en toe geen sprake meer.

Nadat we bij de Mirador de la Somada Alta wat hebben gegeten en gedronken lopen we verder naar de Cubo de la Galga via een route waar de natuur alleen nog maar mooier lijkt te worden. Op een gegeven moment hebben we de mogelijkheid om de standaard route te verlaten en langs de Cubo de la Galga terug te lopen naar onze auto.

Het blijkt ook nu weer enorm gemakkelijk dat we via Oziexplorer continu kunnen controleren dat we nog steeds op de goede weg zijn. Een flinke hoeveelheid zweet en (hopelijk) calorieën lichter rijden we terug naar ons verblijf bij Los Llanos.

Zodra we deze morgen de gordijnen open doen zien we iets dat we de hele vakantie nog niet hebben gezien, namelijk een zwaar wolkendek boven onze regio bij Los Llanos. Nu betekent dat op La Palma vaak dat de andere kant van het eiland een heel ander beeld laat zien. Zekerheid hebben we daarover niet en omdat onze vakantie over een paar dagen al weer afgelopen is houden we toch maar vast aan ons oorspronkelijk plan, een bezoek aan het Noorden van het eiland.

We vertrekken daarom richting Los Llanos en koersen vervolgens richting La Zarza. Het hier aanwezige informatiecentrum is gesloten waarna we besluiten door te rijden om vervolgens terecht te komen bij een themapark waar naast het natuurpark ook een leuk museum is ingericht.

Nadat we hier eerst een informatievideo bekijken over La Palma, haar vroege bewoners en hun gebruiken maken we een rondgang door het natuurpark waarmee ook de door de benahohare in de rotsen aangebrachte tekeningen kunnen zien.Zodra Gea in dit park de eerste spiraalvormige rotstekeningen tegenkomt suggereert ze dat de oorspronkelijke bevolking zo rond 400 jaar BC blijkbaar al over email beschikte, het apenstaartje werd in ieder geval al gebruikt.

Inmiddels is het echter al dusdanig beginnen te miezeren dat we weinig zin hebben om in de buurt nog een andere wandeling uit te stippelen. Bovendien is de natuur een stuk minder mooi dan we de dag hiervoor in Cubo de la Galga hebben gezien. We rijden daarom door naar Los Tilos waar we een begin maken met route LP-6.

We weten dat we deze tocht, gelet op het reeds late tijdstip, niet meer uit zullen lopen maar we zijn wel erg benieuwd naar de vegetatie die we hier zullen tegenkomen.

Zodra we de eerste anderhalve kilometer hebben afgelegd begint het echter flink te regenen. Het dichte bladerdek houdt het water eerst wel even tegen maar na enige tijd zijn we toch genoodzaakt onze jassen te voorschijn te halen en onze rugzakken met de regencover af te dekken. De ondergrond begint glibberig te worden en zodra we het punt bereiken waarbij we via een zeer smal glibberig weggetje moeten afdalen houden we het voor gezien en maken we rechtsomkeert.

Zodra we bij ons huisje arriveren breekt de zon weer door. Het is inmiddels echter al te laat om nog even in badkleding op ons terras te gaan zitten zoals we dat de afgelopen dagen steeds hebben gedaan.